nieuws uit NO-Overijssel

Wat is een goede vraag?

Het wordt tijd om een videoboodschap in te spreken voor het thuisfront. De minister-president was eerst, toen de commissaris van de koning in Overijssel en tenslotte de burgemeester van Hardenberg. Dat leek voldoende, maar nu zelfs de koning het volk toespreekt kan ik als goed huisvader niet achterblijven. Iedereen moet namelijk weten hoe erg ik alles vind, hoe begaan ik ben met de mensheid, zij aan zij in deze heftige tijden. We hebben geen gebrek aan mondkapjes maar aan pleisters omdat ik mijn handen stuk klap voor alle maatschappelijke helden. Creatieve ideeën voor een speech zijn welkom, anders blijf ik net als veel sprekers voor mij steken in “medeleven, omzien, sterkte en you’ll never walk alone”.

Is er op politiek gebied nog iets gebeurd deze week?

Ja, een vraag van de ChristenUnie aan B&W of het college even kindertjes wil ophalen in Griekenland. In de vluchtelingenkampen daar is de toestand vreselijk en wij hebben nog wel ruimte voor een paar hulpbehoevenden. Vanuit meer gemeenten werd dit aangezwengeld met het verzoek druk uit te oefenen op de regering, maar die verbood dit soort individuele acties. Asielbeleid is geen zaak van hobbyisten die het goed bedoelen. En helemaal niet van mensen die zich laten leiden door zielige beelden uit Griekenland, terwijl ze weten dat het hele jaar door op veel plaatsen in de wereld hulp nodig is.

Nog meer onnodige vragen van politici? Zeker, van de PvdA en de VVD.

Om met die laatste te beginnen: de lokale ondernemerspartij wilde van B&W weten hoe de plaatselijke winkeliers geholpen kunnen worden in deze crisistijd. Of ze bijvoorbeeld uitstel van het betalen van belastingen kunnen krijgen. Waarop B&W antwoordden dat dit altijd al kon, maatwerk was altijd al mogelijk. (Even met een ambtenaar bellen of mailen en je hebt binnen 5 minuten antwoord, beste volksvertegenwoordiger.) En zijn nog meer maatregelen mogelijk om de ondernemers te steunen?, was de volgende vraag. Zeker, antwoordde het college, maar dat is een zaak van de regering. Die prompt met steunmaatregelen kwam.

De PvdA stelde net zulke overbodige vragen. Of B&W een noodplan hebben voor zzp’ers, seizoenarbeiders, flexwerkers etc. Terwijl iedereen met zijn klompen kan aanvoelen dat het antwoord zal luiden: dit is werk van de regering. Willen B&W dan even bij de rijksoverheid aandringen op hulp? was de volgende vraag. Alsof die zich niet bewust is van de ernst van de situatie. Daar is men zelfs zó druk bezig met deze zaak dat ministers erbij neervallen.

Waarom die nutteloze vragen toch worden gesteld? Het voorbeeld van de PvdA maakt dit wel duidelijk. De vragensteller stuurde zijn vragen als eerste naar weekblad De Toren, omdat hij die vragen graag gepubliceerd zag in de woensdagkrant. De Toren plaatste de vragen zondag echter al op de website, nog voordat B&W, collega-raadsleden en de griffie de vragen hadden ontvangen.

In de haast om maar vooral te laten zien hoe begaan men is met al die arbeiders en ondernemers die zwaar getroffen worden door de crisis, was daar even niet aan gedacht.